De geschiedenis van fABULEUS
PREHISTORIE

De oergedaante waaronder fABULEUS verschijnt, is die van een tweejaarlijks Internationaal Theaterfestival voor Jongeren, met edities in 1991, 1993, 1995 en 1997 in Leuven. Festivalcoördinator Dirk De Lathauwer stelt vanaf 1995 vast dat de vluchtigheid van een festival niet strookt met de ambitie om jonge spelers en dansers structureel te begeleiden. Daarom wordt vanaf 1996 de aanzet gegeven tot een productiestructuur met jongeren. fABULEUS wordt vanaf dat moment een deelproject van Artforum, een landelijk erkende jeugddienst die zich specialiseert in kunsteducatie en artistieke projecten met kinderen en jongeren.

Periode vóór de subsidiëring (1996-2005)

De eerste producties spelen vooral in Leuven, maar al snel komt er interesse van jeugdfestivals en cultuurcentra en gaan de producties steeds uitgebreider op tournee door Vlaanderen. Ook de jonge deelnemers aan audities worden talrijker en komen uit alle Vlaamse provincies en zelfs uit Nederland. Dit leidt onder meer tot succesvolle jongerenproducties van beginnende makers als Randi De Vlieghe, Dirk De Lathauwer, Natascha Pire, Thomas Devens, Iris Bouche, Joke Laureyns en Kwint Manshoven en biedt hen de kans om als regisseurs en choreografen tot ontbolstering te komen.
Naast de producties met jongeren ontstaat vanaf 2000 geheel organisch een tweede productiespoor waarin jonge professionele spelers, dansers en makers die uit podiumkunstenopleidingen komen (Steven Beersmans, Koen De Preter, e.a.) of uit de jongerenwerking doorstromen (Filip Bilsen, Sofie Palmers, e.a.), hun eigen werk kunnen ontwikkelen met dramaturgische, logistieke en zakelijke ondersteuning vanuit fABULEUS, al dan niet met een jong publiek in het achterhoofd.

In 2003 wordt voor het eerst een projectsubsidie van de Vlaamse Gemeenschap toegekend voor de dansproductie Eros Flux. In datzelfde jaar wint fABULEUS de 1000 Watt-Lichtpuntprijs tijdens het Tweetaktfestival “wegens de uitgesproken artistieke keuze, het roeien tegen de stroom in en het geloof in het kunnen van jonge mensen.” In 2004 en 2005 volgen nog vier Vlaamse projectsubsidies theater en dans en een nominatie voor de 1000-Wattprijs met Dromen hebben veters, de eerste fABULEUS-productie die wordt gedanst door kinderen.

2005 is een cruciaal jaar voor fABULEUS: de organisatie viert haar tiende verjaardag en krijgt het bericht in 2006 en 2007 structureel gesubsidieerd te zullen worden door de Vlaamse Gemeenschap. Bovendien wordt fABULEUS in datzelfde jaar genomineerd voor de Vlaamse CultuurPrijzen 2005, in de kersverse categorie jeugdtheater, omwille van het “enthousiasme, de zorgvuldigheid waarmee fABULEUS nieuw talent en beloftevolle kunstenaars aantrekt en (…) de veeleisendheid waarmee telkens opnieuw wordt gewerkt aan voorstellingen die het jonge publiek aanspreken, maar het toch niet klakkeloos op zijn wenken bedient.” Met deze spiegel voor ogen is de organisatie in 2006 klaar om een volgende fase in te gaan.

Periode sinds de subsidiëring (2006-...)

Op 1 januari 2006 splitst fABULEUS zich na 10 jaar af van Artforum en gaat door als autonome vzw. Ook in 2008-2009 en in de periode 2010-2012 wordt fABULEUS door de Vlaamse Gemeenschap erkend en gesubsidieerd als “Organisatie voor Nederlandstalige dramatische kunst”. De werking kenmerkt zich door de verdere uitbouw en ontwikkeling van de twee productiesporen (jongeren en jongprofessionelen), door een bewust nastreven van een diversiteit aan makers en podiumvormen, en door producties die zich zowel kunnen richten tot kinderen en jongeren als tot een avondpubliek.
In 2008 wordt fABULEUS voor de tweede keer genomineerd voor de Vlaamse CultuurPrijzen in de categorie jeugdtheater: “fABULEUS wil artistiek uitblinken, maar schuwt ook het experiment niet. Het werkt in de traditie van repertoireteksten en klassieke choreografische talen, maar demonstreert evengoed een grote honger naar vernieuwing. Met die mix bereikt fABULEUS een groot publiek,” aldus de jury.
Nog meer blijken van een groeiende erkenning volgen. In 2010 wordt fABULEUS samen met muziektheatergezelschap Braakland/ZheBilding benoemd tot stadsgezelschap van Leuven. Ook het aantal coproducties en samenwerkingen met andere huizen en gezelschappen neemt toe, zoals met tg NUNC, Villanella, Tuning People, STUK en HETPALEIS. Met Het Theaterfestival Vlaanderen wordt het project De Barbaren opgezet waarbinnen een uitgelezen groep jongeren zijn licht laat schijnen over de selectie van Het Theaterfestival. In dezelfde periode speelt fABULEUS steeds meer buiten het Nederlandse taalgebied: aanvankelijk met de projecten van jongprofessionelen, zoals We dance to forget van Koen De Preter en Maria Ibarretxe del Val dat, gespreid over zes jaar, in elf verschillende landen te zien is; vervolgens ook met jongerenproducties als PITSERS en Everland.

Na tien jaar te hebben gewerkt vanuit de historische Molens van Orshoven, opent fABULEUS in 2011 het Openbaar Entrepot voor de Kunsten (OPEK), samen met Braakland/ZheBilding, de kunsteducatieve organisaties Artforum, Mooss en Wisper en deelwerkingen van het Lemmensinstituut (opleiding drama) en 30CC/Cultuurcentrum Leuven (De FactorY).

Tegen het eind van 2013 zal fABULEUS in totaal een tachtigtal eigen producties gerealiseerd hebben. Jaarlijks speelt de organisatie tot 200 voorstellingen. Jongeren die ooit bij fABULEUS hun eerste podiumstappen zetten, zijn overal in de samenleving terug te vinden, bij het politiekorps zowel als bij ngo’s en in de academische wereld. En uiteraard binnen de podiumkunsten zelf. Eind 2012 volgen minstens 20 voormalige fABULEUS-jongeren een professionele podiumopleiding in binnen- of buitenland. Minstens 35 anderen functioneren professioneel binnen de kunsten als speler, danser of maker. Ook jongprofessionelen vinden in toenemende mate vanuit fABULEUS hun weg. Zo hadden drie van de vijf makers die in 2011 geselecteerd werden voor de eerste editie van Circuit X, het spreidingsplatform van Het Theaterfestival, LOCUS en VTi, een deel van hun parcours bij fABULEUS afgelegd.

 
 
 

Overzicht van alle fABULEUS-producties